Het nieuwe UBO-register

Home » Nieuws » Artikelen » Het nieuwe UBO-register

Nieuwsflash

Het UBO-register gaat vanaf januari 2020 een nieuwe vorm aannemen. Dit is het gevolg van de door de EU verplicht gestelde, vijfde antiwitwasrichtlijn. Dit heeft onder andere gevolgen voor accountants, belastingadviseurs, notarissen, banken en andere “Wwft-instellingen”. In 2017 moest de vierde anti-witwasrichtlijn al geïmplementeerd worden in de Nederlandse wetgeving en dit leverde veel kritiek op. De privacy van de Nederlandse bedrijven zou in het geding komen, nadat er in het besluit was opgenomen dat er een aantal gegevens openbaar beschikbaar zou zijn. De Vierde anti-witwasrichtlijn stelde dit echter nog niet verplicht aan de Europese lidstaten. Hier dreigt verandering in te komen. Maar wat is een UBO en wat houdt een UBO-register in?

Een UBO is de persoon die de uiteindelijke belanghebbende is van een organisatie of de uiteindelijke zeggenschap heeft. Elke organisatie is verplicht om de UBO te bepalen, waarbij de uiteindelijke zeggenschap bepaald kan worden aan de hand van het houden van aandelen, stemrechten, eigendomsbelang of andere middelen. Bij een BV of een NV gaat het om personen met meer dan 25% van de aandelen, personen met meer van 25% van de stemrechten en personen die de feitelijke zeggenschap over de onderneming hebben. De nadere uitwerking staat beschreven in artikel 3 van het Uitvoeringsbesluit Wwft 2018. Een UBO wordt geregistreerd in het UBO-register en deze maakt dan ook transparant wie de eigenaren zijn of personen die de zeggenschap hebben in een onderneming. Het doel van het register is om witwassen, corruptie, belastingontduiking, fraude en financiering van terrorisme in kaart te brengen en dit tegen te gaan. Op 10 januari 2020 moet de vijfde antiwitwasrichtlijn van kracht gaan in de nieuwe vorm van het UBO-register. Deze heeft betrekking op alle EU-lidstaten.

Er is echter veel kritiek op het register. Zo beweerd de Belastingdienst dat het zeer fraudegevoelig zou zijn en de handhaving slechts beperkt effectief. Het heeft onder andere ook gevolgen voor de belastingadviseur en accountant. Tijdens het cliëntenonderzoek moeten zij het UBO-register raadplegen en vergelijken met de gegevens die de cliënt heeft verstrekt. Als de informatie niet overeenkomt, heeft de professional een meldingsplicht en moet zij een terugmelding naar het register doen. Als er geen melding plaatsvindt, wordt er gesproken van een economisch delict. Er zullen veel kosten gepaard gaan met de meldingsplicht en de belastingadviseur/accountant zullen hiervoor opdraaien. Het verhogen van het uurtarief is daarmee de enige oplossing. Maar dit is niet het enige puntje van kritiek. Ook zal de privacy van Nederlandse bedrijven in het geding komen. In de richtlijn is bepaald dat een aantal gegevens openbaar beschikbaar moet zijn. Het gaat om de volgende gegevens: bedrijfsnaam, voor- en achternaam, geboortemaand en –jaar, nationaliteit, woonstaat en aard en omvang van het economisch belang van de UBO. Op social media valt ook makkelijk het adres te achterhalen. Als de jaarcijfers en de aard van het aandeel bekend zijn, is het makkelijk voor kidnappers, afpersers en ontvoerders om het vermogen van iemand in kaart te brengen.

Als we kijken naar de andere EU-lidstaten kunnen we concluderen dat de handhaving beperkt effectief zal zijn. Zo is er een groot verschil in de voortgang van de lidstaten. Uit onderzoek van PwC is gebleken dat maar zeven van de vijftien landen een (deel) openbaar UBO-register hebben. Ook is de definitie van het “legitieme belang” niet door alle landen ingevuld. Een goede werking van het UBO-register kan alleen plaatsvinden als alle EU-lidstaten hetzelfde beleid hebben. Daarnaast hebben de Nederlandse eigenaren ook een mening over de nieuwe invulling van het register. Zo blijkt uit onderzoek van de Nyenrode Business universiteit dat de meerderheid van Nederlandse eigenaren van familiebedrijven, vindt dat het de taak is van de Nederlandse overheid om de privacy van haar ondernemers te beschermen. Daarnaast vindt 62% van de eigenaren dat de overheid beter kan investeren in opsporingsdiensten dan in wet- en regelgeving rondom het UBO-register.

De oplossing voor de privacy-breuk is het register niet openbaar maken. In de vierde richtlijn was hier nog geen verplichting voor. Het is van belang dat alleen personen of organisaties met een legitiem belang toegang hebben tot bepaalde persoonlijke gegevens. Zij weten namelijk ook hoe zij moeten omgaan met de informatie. Wat betreft de hogere lasten voor de professionals, dient er een realistische tariefverhoging te komen. Daarnaast is er veel behoefte aan verduidelijking aan de eigenaren, dit dient ook de verantwoordelijkheid van de overheid te zijn.

Bronnen

https://www.knb.nl/standpunten/ubo-register

https://www.accountant.nl/artikelen/2019/10/hoe-het-ubo-register-wel-kan-werken

https://www.accountant.nl/contentassets/470d43e3b9ae4a998048fd4c1726a6dc/whitepaper_ubo_rsm-nyenrode_instituut_onderzoekspanel.pdf?_t_id=1B2M2Y8AsgTpgAmY7PhCfg%3d%3d&_t_q=ubo&_t_tags=language%3anl%2csiteid%3a3299f554-3e8b-4a32-8d5a-0d2c2f40da3c&_t_ip=84.83.214.38&_t_hit.id=Macaw_EPiCenter_Foundation_Models_Media_PdfFile/_043a58bf-0dd8-4f8a-8841-4c9a4a633546&_t_hit.pos=2&search=true

https://www.accountancyvanmorgen.nl/2019/07/11/gegevens-van-ruim-270-000-eigenaren-familiebedrijven-openbaar-bij-invoering-ubo-register/

https://www.afm.nl/nl-nl/professionals/veelgestelde-vragen/wwft-algemeen/ubo

https://cmweb.nl/2019/05/dit-is-wat-er-mis-is-met-het-ubo-register/

https://www.rsm.global/netherlands/nl/news/wetsvoorstel-ubo-register

https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/financiele-sector/ubo-register